Inleiding:
We behandelen paragraaf 1 en 2 van het hoofdstuk ‘De mens ontdekt de wereld’. Paragraaf 1 gaat over de belangrijkste kenmerken van de Grieks-Romeinse filosofie. Plato, Socrates en Aristoteles staan centraal. Paragraaf 2 gaat over de kritische houding van het Christendom ten aanzien van de Griekse erfenis.
Om paragraaf 1 en 2 meer diepgang te geven wordt de filosofie van Plato, Socrates en Aristoteles geplaatst tegen het mythische wereldbeeld en de natuurfilosofen. Het denken van Socrates, Plato en Aristoteles wordt gekoppeld aan de politieke geschiedenis van Athene en Sparta. We bestuderen de Lijkrede van Perikles, een passage uit Herodotus waarin een gesprek plaatsvindt over de beste bestuursvorm en Plato’s fundamentele kritiek op de democratie.
Ter verdieping van het Christelijke wereldbeeld lezen we stukken uit de bijbel (met vragen) en een passage uit de Belijdenissen van Augustinus.
Inhoud:1. Mythische wereldbeeld, opkomst natuurfilosofie
2. Opkomst Athene en Sparta.
3. Verschillende visies op de beste samenleving (Pericles, Plato, Herodotus). Samenhang filosofie en politiek denken.
4. Opkomst Christendom. Einde Griekse denken (paragraaf 2, hoofdstuk 11, plus bijbel lezen)
5. Middeleeuwen, Augustinus en Aquino (paragraaf 2, hoofdstuk 11)
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten